HOOFDSTUK 9. Anesthesie

9.1 Algemeen

In 2014 is de richtlijn ’Neuraxisblokkade en Antistolling - Inclusief: perifere zenuw en interventionele pijntechnieken’ uitgebracht door de Nederlandse Vereniging voor Anesthesiologie (NVA).47 Deze is in belangrijke mate gebaseerd op het artikel van Heidbüchel et al. Recent is er een update van dit artikel verschenen.24

Omdat er onvoldoende literatuur beschikbaar is ten aanzien van het toepassen van neuraxisblokkades bij patiënten die dabigatran gebruiken, is de primaire aanbeveling:

9.2 Beleid neuraxisblokkade bij chirurgie

Buiten het primaire advies geeft de richtlijn aanbevelingen voor neuraxisblokkades bij electieve en acute ingrepen.

9.2.1 Electieve chirurgie

Aanbevelingen:

Tabel 9.1 Aanbevolen tijdsintervallen tussen laatste inname dabigatran en neuraxisblokkade47

CrCl T1/2 dabigatran Tijd
> 80 13 uur (11 - 22) 48 uur (2 dagen)
> 50 - 80 15 uur (12 - 34) 72 uur (3 dagen)
> 30 - 50 18 uur (13-23) 96 uur (4 dagen)
< 30 28 uur (22 - 35) Gecontra-indiceerd 

9.2.2 Acute chirurgie

9.3 Perifere zenuw- en interventionele pijntechnieken

Voor een indeling van perifere zenuwblokkades op basis van de potentieel nadelige gevolgen van bloedingscomplicaties en aanbevelingen ten aanzien van de uitvoering daarvan, wordt verwezen naar de Richtlijn ‘Neuraxisblokkade en Antistolling – Inclusief: perifere zenuw en interventionele pijntechnieken’ van de NVA. (pag 139-48).47

Zoeken  
vorige hoofdstuk   |   volgende hoofdstuk